‘Porthus is vroeg en toch een goede opbrengst’

In het teeltseizoen 2016 verruilde akkerbouwer Jabin van der Velde een deel van zijn graanland voor conserven, maar dat bleek toch niet zijn “ding”. Alle reden om dit jaar weer terug te keren naar het vertrouwde graan. Van in totaal 30 hectare graan, teelde hij 6 hectare van zeer vroege Porthus wintertarwe. “Het ras heeft goed geleverd en omdat het vroeg oogstrijp is, kon ik ook mooi op tijd een groenbemester zaaien”, zegt de 37-jarige akkerbouwer uit Herkingen, een dorp op het Zuid-Hollandse eiland Overflakkee.

Aspergeboerderij

De familie Van der Velde is op het eiland en in de verre omtrek bekend als de ‘Aspergeboerderij’. Het waren de ouders van Jabin, Lies en Beijke van der Velde, die in 1988 het lumineuze idee hadden om op de Flakkeese bodem groene asperges te telen. Jabin heeft de aspergeteelt met succes voortgezet. Het ‘Groene goud’ wordt tijdens het seizoen (eind april-eind juni) met aardappelen en onder andere pure sappen aangeboden in de eigen boerderijwinkel, die door Jabins echtgenote Madeleine wordt gerund. “Voor de asperges komen ze zelfs vanuit Den Haag, maar de meeste klanten komen vooral van het eiland.”

Conserven

Jabin van der Velde heeft aan de Peuterdijk bij Herkingen 95 hectare land, dat direct grenst aan het Grevelingenmeer. Hij boert op kleigrond die varieert van 25 tot 55 procent afslibbaar. “Gemiddeld zitten we op 30 tot 40 procent”, legt Jabin uit. Vaste onderdelen in het bouwplan zijn aardappelen (50% vroeg, 50% laat), suikerbieten, plantuien, wortels en graan. Vorig jaar verruilde Van der Velde een deel van het graanareaal voor conserven: “Door omstandigheden vielen deze opbrengsten wat tegen en was ik daar eigenlijk gelijk klaar mee”. Alle reden voor Jabin om weer te kiezen voor de ‘veilige’ graanteelt. Van de 12 hectare vorig jaar ging het naar 30 hectare dit jaar. “Ik weet dat het saldo niet hoog is, maar het is wel een goed beheersbare teelt.”

Terug naar wintertarwe

De Porthus, die op 10 oktober op drie kleinere perceeltjes werd gezaaid, deed het uitstekend in wat Van der Velde “een goed groeiseizoen” noemt. “Het gewas ontwikkelde goed en we hebben niet zwaar hoeven te spuiten.” Na een geslaagde bespuiting tegen onkruid in het najaar en een gift met groeistoffen in december, werd het graangewas in het voorjaar gespoten met T2 en behandeld met een halmverkorter.
Vanwege de vorst werden de twee eerste kunstmestgiften in één beurt gegeven (245 kg N per hectare), tegelijk met de prikroller. Later werd hier bovenop nog eens 150 kilo KAS per hectare toegediend. Van legering had Porthus totaal geen last. “Nee, hij is prachtig overeind gebleven.”

Vroegheid is pluspunt

Op 18 juli, toen het nog prima oogstweer was, werd de Porthus geoogst. Over de opbrengst is Jabin zeer te spreken. “Hoewel je bij kleinere percelen altijd wat verlies hebt, hebben we er over de 10 ton per hectare vanaf gehaald.” Ook het hectolitergewicht van 82,1 kilo staat hem aan. “Dat is een prima waarde, zeker als je op tijd kunt oogsten.“ De vroegheid noemt hij “een groot pluspunt”, omdat dit binnen het bedrijfsplan ruimte biedt voor spreiding van de graanoogst en omdat de groenbemester vroeg kan worden gezaaid. Jabin heeft gekozen voor een mix (o.a. haver, wikken en bladrammenas). Porthus is Jabin goed bevallen en ook komend seizoen gaat hij het ras zaaien. “Mogelijk ga ik het telen voor vermeerdering. Dat moet ik nog afstemmen met mijn leverancier Van Iperen. En anders zeker voor consumptie”, zegt hij met overtuiging.

terug